Prinses Gudrun trilogie - Jaap ter Haar


Jaap ter Haar (1922-1998) schreef naast zijn inmiddels klassieke kinder- en jeugdboeken ook graag en veel over geschiedenis. Hij beperkte zich daarbij niet tot de ware historische feiten, hij werd ook bekend door zijn navertellingen van mythen en sagen. In de Prinses Gudrun trilogie richt hij zich op drie bekende verhalen die zich afspelen in Duitsland, Normandië, Denemarken en Brabant.
Het titelverhaal draait om de liefde van Gudrun, dochter van de Deense koning Hettel. Zij wordt verliefd op Herwig van Seeland, maar haar vader wijst zijn aanzoek af. De jonge ridder legt zich daar niet bij neer en verklaart koning Hettel de oorlog. Bijna komt het tot een strijd op leven en dood tussen de koning en Herwig, maar Gudrun kan dit voorkomen. De vader geeft zich gewonnen en de jonge geliefden mogen trouwen. Maar voor het huwelijk kan worden gesloten wordt Gudrun van het hof ontvoerd door Hartmoed, koning van Normandië. Hij wil Gudrun voor zich winnen en behandelt haar goed. Gudrun blijft echter trouw aan haar gegeven woord. Even lijkt het erop dat Herwig zijn bruid snel kan bevrijden, maar dit mislukt. Gudrun zit voorlopig gevangen in Normandië waar de moeder van Hartmoed besluit de koppige jonkvrouw met haar eigen harde methoden over te halen haar zoon te trouwen.
Het tweede verhaal, Siegfried en Kriemhilde is bekend van de serie opera´s die Wagner rond deze sage schreef. Kriemhilde krijgt een voorspellende droom: haar zal grote liefde ten deel vallen, maar deze liefde zal haar ook weer afgenomen worden. Het is Siegfried, de dappere ridder die een draak versloeg en het goud van de Nibelungen veroverde, die haar hart wint. Kriemhildes oom is uit op het veroverde goud en weet via list en bedrog Siegfried te doden. Kriemhilde rust niet voor zij wraak heeft genomen.
Het derde verhaal, Lohengrin de zwaanridder, sluit aan bij het verhaal over Parcival dat tot de Arthurlegenden behoort. Parcival zoekt en vindt de Heilige Graal; Lohengrin is zijn zoon en voorbestemd in de voetsporen van zijn vader te treden als graalridder. Hij trekt de wereld in met een opdracht:´Voer je lans voor gerechtigheid, je schild voor het geloof, je zwaard voor Gods woord´. Een dienaar van de graal mag nimmer onthullen wie hij is tenzij men hem daarom vraagt. Als Lohengrin zijn afkomst bekend maakt moet hij terugkeren naar de Graalburcht. Lohengrin, die met zijn schip een zwaan volgt, komt in Brabant terecht waar hij het gelijk van Else van Brabant bevecht. Zij hebben elkaar lief en trouwen. Lohengrin wordt gewaardeerd om zijn heldhaftigheid, maar niet begrepen in zijn barmhartigheid. Niet trots en eer leiden hem, maar liefde en vergeving. Hij is de brenger van het nieuwe geloof. Natuurlijk vraagt Else op een dag toch naar zijn afkomst.

Deze mythen en sage zijn uitingen van de middeleeuwse Hoofse cultuur waarin jonkvrouwen verheven, mooie en eervolle vrouwen zijn en de ridders nobel, dapper, trots en rechtvaardig. Gelukkig zijn er ook onedele ridders en kwaadaardige vrouwen, want anders zou er geen verhaal zijn. Ter Haar vangt dit tijdsbeeld in prachtig bloemrijk taalgebruik. Het is alsof een minstreel bij de walm van fakkels en de geur van haardvuur tot de lezer spreekt:´zij zagen zijn zwaard door de lucht flitsen: een stuk afgehouwen tong viel drillend in het gras; een afgehakte klauw trilde na in de struiken...Ook de ijzingwekkende draak zelf, die in woeste drift met opengesperde bek naar voren schoot. Hoe lang duurde de strijd...? Het harde staal van Siegfrieds zwaard doorkliefde de taaie schubben. Walgelijk was de stank van het gele drakenbloed...´
In de drie verhalen staan verschillende deugden centraal. In Gudrun draait het om trouw: de jonkvrouw ondergaat vele vernederingen maar ze geeft niet toe aan Hartmoed en zijn moeder. Het verhaal over Kriemhilde en Siegfried draait om haat en hebzucht. Als Kriemhilde Siegfried verliest ´versteend´ haar hart. Ogenschijnlijk lijkt zij na de rouwperiode weer gelukkig, maar al haar daden staan in dienst van haar wraakzucht. In het derde verhaal staat moed centraal. Het speelt zich af in de tijd van de volksverhuizingen waarin ´heidense goden´ worden aanbeden. Lohengrin is de moedige brenger van het nieuwe geloof.
De navertelde mythen en sagen leven voort in kunst en literatuur. Onder andere Tolkien en J.K. Rowling verwekten elementen uit deze oude verhalen in hun boeken. De bewerkingen van Jaap ter Haar zijn fijn om te lezen. Zijn taalgebruik roept een passende sfeer op en hij maakt van deze oude verhalen, die vaak in vele versies zijn overgeleverd, een spannend overzichtelijk geheel. De Koning Arthur trilogie (Callenbach, 2012) en de Prinses Gudrun trilogie zijn een aangename en overzichtelijke kennismaking met illustere helden uit ons cultuurverleden.

Prinses Gudrun trilogie
Jaap ter Haar

Callenbach, 2013